Pierre Semudenge was drieënhalf jaar oud toen hij zijn ouders voor het laatst zag. Het was in een vluchtelingenkamp in Congo, ergens op een terrein zo groot als dertien voetbalvelden, en het regende kogels. Hij was bij zijn zus. Zijn ouders waren ergens anders op dat uitgestrekte terrein. Tussen die twee werkelijkheden heeft hij nooit meer kunnen kiezen.
Dat is het vertrekpunt van een verhaal dat uitmondt in een onderneming. Semudenge runt vandaag Dreamcoach, een bedrijf dat mentale en cognitieve begeleiding biedt aan jonge topsporters. Zeventien lopende trajecten, een team van vier, contacten bij de KNVB en clubs als FC Emmen en Ajax. Maar de vraag die zijn werk drijft, stamt niet uit een managementboek. Ze stamt uit een vluchtelingenkamp.
De nacht van 6 april
Op 6 april 1994 werd het vliegtuig van de Rwandese president Habyarimana neergeschoten. Voor Semudenge markeert die datum het begin van wat hij omschrijft als "de jacht", een jacht op mensen zoals hij, Tutsi's, in een land dat al decennia onder koloniale druk was opgedeeld langs etnische lijnen. Het gezin stak het Kivumeer over in een klein bootje naar Congo, waar ze in een groot vluchtelingenkamp terechtkwamen.
Het kamp bood tijdelijk een soort normaliteit. Zijn zus beviel van haar eerste kind. Volgens de Rwandese traditie draagt de vader het kind op de achtste dag naar buiten om de naam bekend te maken. Het leven ging, hoe fragiel ook, door. Semudenge paste overdag op zijn pasgeboren neefje, zijn zus wilde voorkomen dat het kind zou opgroeien met het gevoel alleen op de wereld te staan.
Toen de aanval op het kamp begon, was hij bij zijn zus. Zijn ouders waren te ver weg om te bereiken. "Ik kon niet een voetbalveld oversprinten om bij mijn moeder te komen," zegt hij. Zijn zus en zwager namen hem mee. Zijn moeder heeft hij daarna nooit meer levend gezien. Zijn vader overleed in 2015.
'Er liggen genoeg lichamen over je heen'
De zeven jaar durende tocht van Rwanda naar Nederland voert door meerdere delen van Congo, destijds deels nog Zaïre, verder naar Brazzaville, Pointe-Noire aan de Atlantische Oceaan, en uiteindelijk via Centraal-Afrika naar Kameroen. In 2001 stapte hij in Kameroen op een vliegtuig naar Schiphol.
Semudenge herinnert zich die jaren in flarden. Overlevingsstrategieën die hem als kind werden aangeleerd: tussen lichamen gaan liggen en dood spelen. Altijd klaarstaan om te rennen. Maar ook: krokodillenvlees eten in het Congolese regenwoud, water drinken door bananenbladeren omhoog te houden in de regen, en op een nacht wakker worden naast een neushoorn.
Bij een rivierovertocht gaf zijn zwager eerst een wasbak weg als ruilmiddel voor de bootreis. Dat bleek niet genoeg. "Toen heeft de beste man zijn broek eigenlijk weg moeten geven, zodat ik meekon." Aan de overkant zagen ze explosieven en hoorden ze geweerschoten. "Dat hadden wij kunnen zijn."
Schiphol als schrikreactie
Aankomen in Nederland in 2001 was allesbehalve een bevrijding. Op Schiphol zag Semudenge mensen met uniformen en wapens. Zijn associatie: gevaar. Hij had wit geklede hulpverleners eerder zien vertrekken in vliegtuigen terwijl mensen als hij achterbleven. "Zijn ze je vriend of zijn ze je vijand?"
Het gezin, Semudenge, zijn zus, zwager en neefje, werd naar Ter Apel gestuurd. Pas later begreep hij dat het opvangcentrum letterlijk in een voormalige gevangenis was gevestigd. "Tralies, een cel, mensen die de lichten uitdoen en zeggen dat je je bek moet houden." De verblijfsvergunning volgde tussen 2001 en 2002, waarna het gezin een huis kreeg toegewezen in Ezingen, een klein dorp in Noord-Nederland.
Daar was het gezin het enige buitenlandse gezin. Sommige buren stonden open, anderen niet. Semudenge pleit achteraf voor betere informatieoverdracht vanuit gemeenten aan dorpsbewoners wanneer een vluchtelingengezin arriveert. "Met oud en nieuw wordt hier vuurwerk afgestoken. Als je jarenlang dag en nacht te maken hebt gehad met bommen en knallen, is dat super verwarrend, maar ook traumatiserend."
'In plaats van rennen op zoek naar veiligheid kon je nu rennen om te scoren'
Voetbal werd zijn uitlaatklep en zijn integratiemiddel tegelijk. In Ezingen was de bal "de connector": op het veld vervielen nationaliteit en taal, buiten het veld was de verhouding met leeftijdsgenoten gespannen. Later voetbalde hij in de jeugdopleiding van FC Groningen, voorwaarde gesteld door zijn zus: alleen als de schoolcijfers op peil bleven.
Op een topsportschool vond hij zijn gelijken, basketballers, schaatsers, hockeyërs, voetballers, mensen die allemaal één doel hadden: presteren én hun diploma halen. "Dan vervalt eigenlijk je identiteit van wel of geen buitenlander, wel of geen vluchteling, maar jij bent een topsporter, ik ben een topsporter."
Toch haalde hij het allerhoogste niveau niet. Gevraagd of dat aan talent lag, is hij direct: "Ik denk niet dat het een gebrek was aan talent in mijn geval. Ik denk dat het een gebrek was aan de juiste focus vanuit mij, maar ook de omgeving die maatwerk kon bieden in begeleiding voor mijn specifieke situatie." Traumatische ervaringen beïnvloeden hoe je denkt, voelt en presteert, een inzicht dat pas later, in Amerika, volledig zou landen.
'The actions of our lives are determined by our last most dominant thoughts'
In 2016 voetbalde Semudenge in Amerika. Daar had hij een athletic trainer, James Williams, die de trainingsruimte als eerste betrad en als laatste verliet. Op een woensdagochtend schreef Williams een quote op het bord: *The actions of our lives are determined by our last most dominant thoughts.* Semudenge kon het niet loslaten. Drie weken later viel het kwartje.
"Ik begreep dat je als mens aan gedachten had, dat wist ik niet." Die realisatie zette hem aan tot zelfstudie: filosofie, psychologie, neurowetenschappen. Niet via een universitaire opleiding, maar via boeken en alles wat hij kon vinden over het onbewuste brein. Zijn vertrekpunt was persoonlijk: begrijpen wat traumatische ervaringen doen met de amygdala en het hippocampus, en hoe langetermijnherinneringen prestaties kunnen ondermijnen.
Dat inzicht werd Dreamcoach. Het bedrijf koppelt mentale en cognitieve begeleiding aan sportprestaties. De methode is toepasbaar ongeacht achtergrond, "of je nou Cristiano Ronaldo bent, Barack Obama of Willem-Alexander, die hersenen werken ongeveer hetzelfde", maar de culturele en historische context van elke atleet bepaalt hoe dat brein functioneert. Precies daar, zegt Semudenge, valt winst te behalen.
De sneeuw die hij niet herkende
Zijn keynote-titel vat zijn perspectief samen in één zin: *Het regent, maar ik word niet nat.* De uitdrukking stamt uit zijn eerste winter in Nederland. Als jongetje liep hij naar buiten, zag iets wits vallen en begreep niet waarom hij niet natregende. Hij ging naar zijn zus. Die legde het uit: dat was sneeuw.
De metafoor die hij er later in zag, is de kern van wat hij nu uitdraagt. Regendruppels staan voor tegenslag. De keuze is of je slachtoffer blijft van die omstandigheden, of verantwoordelijkheid neemt. Het is een les die hij niet uit een boek heeft, maar uit een leven waarin die keuze werkelijk, letterlijk, het verschil maakte tussen overleven en niet overleven.
Dat maakt zijn positie als spreker en coach anders dan die van de gemiddelde motivatiesprekersfiguur. Semudenge verkoopt geen optimisme. Hij beschrijft een mechanisme, van brein, van gedrag, van keuze, dat hij aan den lijve heeft ondervonden voordat hij het in wetenschappelijke termen kon benoemen.