InvestNL heeft inmiddels 1,2 miljard euro geïnvesteerd in Nederlandse bedrijven en fondsen. Dat klinkt als een stevige basis, maar voor CEO Rinke Zonneveld is het nog maar het begin. Hij wil naar een organisatie die over een paar jaar minimaal 10 miljard op de balans heeft staan. De weg erheen loopt niet via een nieuwe bankvergunning, maar via samenvoeging, scherpere focus en de bereidheid om grotere risico's te nemen dan de markt aandurft.
Een staatsdeelneming die privaat handelt
InvestNL is een staatsdeelneming, vergelijkbaar met Schiphol, Tennet of GasUnie: een privaatrechtelijk bedrijf met de overheid als honderd procent aandeelhouder. Het ministerie van Financiën stelt rendementseisen, maar bemoeit zich niet met individuele investeringsbeslissingen. Die ruimte is bewust gecreëerd. Zonneveld omschrijft de rendementseis als bescheiden: een positief rendement na aftrek van eigen kosten. "Moeten we 2 procent op jaarbasis maken?" zegt hij, met hoorbare scepsis over de lat. "Met het type portfolio wat we hebben, doe het maar."
Dat portfolio bestaat uit bedrijven die kapitaalintensief zijn én een hoog technologisch risico dragen, precies de categorie waar private fondsen steeds vaker wegblijven. Als voorbeeld noemt Zonneveld een recente investering in een medtechbedrijf dat een techniek heeft ontwikkeld waarbij hartoperaties kunnen worden uitgevoerd terwijl het hart blijft doorkloppen, zonder de borstkast te openen. Maatschappelijk relevant, wereldwijd potentieel, maar te risicovol voor de gemiddelde investeerder.
Van fondsen naar directe investeringen
Bij de oprichting van InvestNL lag het zwaartepunt op investeringen via fondsen: 70 procent fondsen, 30 procent direct in bedrijven. Zonneveld wil die verhouding omdraaien. "De bedoeling is dat we nog 30 procent in fondsen blijven doen en 70 procent direct." Inmiddels staat de teller op 55 procent direct en 45 procent via fondsen.
De kritiek op fondsinvesteringen deelt hij niet volledig, maar hij erkent de logica achter de verschuiving. "Wij maken het meeste impact door direct in bedrijven te stappen." Tegelijkertijd ziet hij fondsen als instrument om het bredere investeringsklimaat te versterken. Als er in bepaalde technologieën te weinig private fondsen actief zijn, ontbreekt niet alleen kapitaal maar ook kennis en co-investeerders. Dat is waarom InvestNL in gesprek is met Nederlandse pensioenfondsen over een vehikel dat impactgerichte investeringsfondsen naar een schaal van 150 miljoen euro en meer moet helpen tillen.
Het faillissement dat alles zegt
Niet alle investeringen lopen goed. Deze week werd bekend dat Hyatt Solar, een bedrijf waarin InvestNL had geïnvesteerd, failliet is gegaan. Het ontwikkelde dunne-film folietechnologie voor zonne-energie, veelbelovend, maar niet bestand tegen de instroom van goedkope Chinese zonnepanelen op de Europese markt. "Als je dit soort technologie een kans wil geven, moet je niet alleen investeren," zegt Zonneveld. "Maar moet je ook met handelspolitiek en industriepolitiek dit soort infant industries beschermen. Wil je dat niet, ook goed. Maar dan mag je ook niet van ons verwachten dat wij daar ons geld in stoppen."
Het is een van de scherpste uitspraken in het gesprek. Het legt een fundamentele spanning bloot: publiek kapitaal inzetten voor technologie die de markt niet wil financieren, terwijl het overheidsbeleid die technologie vervolgens niet beschermt.
Wel ambitie, geen bankstatus
Oud-ASML-topman Peter Wenning en strateeg Jeroen Kramer bepleitten publiekelijk een grote Nederlandse investeringsbank, waarbij InvestNL, het Nationaal Groeifonds en andere instrumenten zouden worden samengevoegd. Zonneveld is het eens met de diagnose, maar niet met het recept. "Het wat: een organisatie met verregaande krachtenbundeling, helemaal eens. Maar er zitten een paar dingen in het hoe dat ik anders zou opschrijven."
Concreet: een bankvergunning voegt volgens hem niets toe. "Voor je het weet worden wij juist daardoor risico-mijdender. En dat is het laatste wat we moeten willen doen." Wat hij wél wil: een fusie van InvestNL en Invest International, dat zich richt op exportfinanciering en internationale expansie, gevolgd door stevige doorschaling. Grotere tickets dan de huidige maximale 50 miljoen euro, en naast equity ook schuldinstrumenten en projectfinanciering.
Het politieke besluit over een eventuele fusie is nog niet genomen, benadrukt Zonneveld nadrukkelijk. Maar de richting is voor hem helder.
Scherp aan de wind varen
De private markt was bij de oprichting van InvestNL sceptisch. Zonneveld noemt die reactie achteraf "een beetje Calimero". "Alsof jullie alle type deals en alle type risico's op je willen nemen." Die vrees, dat een partij met veel overheidsgeld private investeerders uit de markt zou drukken, is voor het grootste deel verstomd, stelt hij. InvestNL investeert bewust aanvullend: in deals waar de markt zegt dat de risico's nog te groot zijn, of alleen samen met InvestNL.
Tegelijkertijd vindt Zonneveld dat InvestNL scherp beoordeeld moet blijven worden. "Als er helemaal geen kritiek zou zijn, zou het niet goed zijn." Die houding kleurt ook zijn kijk op het Haagse klimaat. Minister Beljaarts van Economische Zaken verraste hem positief door zich nadrukkelijk op de techsector te richten en het Draghi-rapport te omarmen. Maar de bezuiniging op het Nationaal Groeifonds noemt hij in één adem: "Voor het geheel is de balans zeker niet alleen maar positief."
Europa als spiegel
De Europese context geeft het verhaal van InvestNL extra gewicht. Zonneveld sprak Mario Draghi twee maanden geleden uitgebreid, samen met een tiental andere CEO's. Hij omschrijft het Draghi-rapport als "de nieuwe inconvenient truth, gewoon de spiegel waar je in moet kijken als je in onze wereld actief bent." De urgentie is niet meer het probleem. De vraag is of Europa snel genoeg kan schakelen.
Voor Nederlandse bedrijven blijft de gefragmenteerde Europese markt een concrete rem op groei. Wie in één Europees land opschaalt, begint in het volgende land administratief en regulatoir opnieuw. Zonneveld erkent het probleem, maar zoekt de oplossing niet in één grote nationale ingreep. Hij wijst erop dat sommige van zijn portfoliobedrijven al voor meer dan de helft in Frankrijk opereren, simpelweg omdat de marktomstandigheden daar beter zijn. Dat is geen probleem, maar een gegeven waar beleid op moet aansluiten.
InvestNL staat, naar eigen zeggen, nog maar aan het begin. Met 1,2 miljard geïnvesteerd kapitaal, een aangekondigde alliantie met TNO en TechLeap, en een mogelijke fusie op de politieke tekentafel is de organisatie volop in beweging. De vraag is niet of er meer schaal nodig is, daarover bestaat weinig meningsverschil. De vraag is of de politieke en institutionele omgeving snel genoeg meebeweegt met wat Zonneveld als de kern van zijn opdracht ziet: kapitaal inzetten daar waar anderen het risico te groot vinden.