Het probleem dat niemand alleen oplost
De Nederlandse accountancybranche heeft een personeelsprobleem. Niet een klein tekort, maar een structureel gat dat met de huidige aanwas aan jong talent niet te dichten valt. Sjoerd Heijmans, oprichter van Becky, is daar eerlijk over: hij pretendeert het probleem niet op te lossen. "Het probleem dat onderliggend ligt, is niet alleen aan Becky wat op te lossen. Daar moeten we met z'n allen als branche wat aan doen." Wat hij wel biedt, is een tijdelijke oplossing. Een concrete, operationele tool voor kantoren die nu capaciteit nodig hebben en die nergens vandaan halen.
Die oplossing heeft een geografisch adres: Belgrado, hoofdstad van Servië, en Sarajevo, in Bosnië-Herzegovina. Twee steden waar Becky inmiddels bijna 300 mensen in dienst heeft. Mensen die op de payroll van Becky staan en dagelijks werken voor Nederlandse accountants- en administratiekantoren.
Second best, en dat zegt Heijmans zelf
Heijmans omschrijft zijn eigen dienstverlening zonder omwegen als een second-best oplossing. "Niemand doet dit omdat het zijn eerste keuze is. Het liefst heb je gewoon iemand naast je zitten, die een bureautje verder zit en die je de hele dag kunt entertainen. Dat is natuurlijk het fijnst, maar dat is gewoon niet meer op dit moment."
De eerlijkheid is kenmerkend. Er zijn cultuurverschillen, een beperkte taalbarrière en een stukje afstand, al valt dat mee gezien de locaties binnen Europa. Kantoren die bij Becky aankloppen, doen dat omdat de Nederlandse markt hen geen alternatief meer biedt. Dat gegeven bepaalt ook het klantprofiel dat bij Becky past. "Ze moeten een beetje pionieren en een beetje open-minded zijn, op zoek zijn naar avontuur. Je moet af en toe ernaartoe reizen, je moet dat leuk vinden. Je moet niet bang zijn om wat risico's te nemen."
Van drie tot tien man tot de top-10
De klantenportefeuille van Becky is divers in omvang, maar homogeen in type. Het gaat bijna uitsluitend om accountants- en administratiekantoren, variërend van kleine kantoren met drie tot tien medewerkers in Nederland tot grote spelers uit de Nederlandse top-10. Daarnaast bedient Becky een beperkt aantal corporate klanten, zoals scale-ups met een grotere finance-afdeling, maar de focus ligt op de accountancysector.
De reden is eenvoudig: dat is de achtergrond van Heijmans zelf. Die sectorkennis maakt het makkelijker om te begrijpen wat klanten nodig hebben en welk type medewerker daarbij past.
60 aanmeldingen per week in Belgrado
Het grootste kantoor van Becky staat in Belgrado, waar ook het merendeel van de bijna 300 medewerkers zit. Sarajevo is kleiner, met zo'n 60 tot 70 mensen. De vraag waarom zoveel lokaal talent bij Becky wil werken, beantwoordt Heijmans deels met een nuchtere analyse van de lokale arbeidsmarkt. "Lokaal zijn heel veel kantoren, maar ook andere werkgevers, gewoon heel traditioneel ingericht. Zoals wij het hier 20, 30 jaar geleden kenden. En de nieuwe generatie heeft daar geen zin meer in, maar daar wordt te weinig naar geluisterd. Dan is het voor ons natuurlijk makkelijk scoren."
Becky ontvangt soms 60 aanmeldingen per week. De medewerkers zijn universitair opgeleid, gemiddeld begin dertig, en worden bewust geselecteerd op analytisch vermogen en Engels taalniveau. Heijmans is direct over de selectiecriteria. "Ik heb de luxe dat we op die manier een selectie kunnen maken. We weten vanaf welke universiteit ze komen, wat voor soort profielen het zijn. In de beginfase is het prettig als mensen een bepaald niveau hebben, omdat ze dan snel leren, snel denkend, analytisch sterk zijn." Dat analytisch vermogen acht hij extra relevant gezien de automatisering die de accountancybranche doormaakt.
Cultuur bouw je niet met tafeltennis
De aantrekkingskracht van Becky op lokaal talent zit hem volgens Heijmans niet in pingpongtafels of geforceerde teamactiviteiten. "Ik wil echt niet zeggen dat mensen de hele dag aan tafeltennis zitten, want dat is niet mijn definitie van een leuke werkplek." Het gaat hem om iets fundamentelers: het gevoel dat mensen gezien worden.
"Je probeert gewoon een hele mooie cultuur neer te zetten, waar mensen echt graag willen werken, waar ze trots op zijn, waar ze zichzelf prettig voelen en veilig voelen, en het gevoel hebben dat er naar ze omgekeken wordt. Dat is denk ik het allerbelangrijkste wat Becky Becky maakt, en waardoor je die cultuur niet kunt kopiëren."
Concreet vertaalt zich dat in een platte organisatiestructuur waarbij iedereen met iedereen kan spreken, en in de bewuste selectie van het interne team in Belgrado en Sarajevo. Accountmanagers, de lokale directrice en de sourcingmedewerkers worden niet alleen beoordeeld op competentie, maar ook op culturele fit. "Dat het niet alleen teamspelers zijn en dat ze goed zijn in wat ze doen, maar dat ze ook echt in die cultuur passen en graag willen samenwerken met al die Bekkies."
Plezier als bedrijfsprincipe
Als Heijmans één principe benoemt dat door alles heen loopt, is het plezier. Niet als HR-kreet, maar als praktisch uitgangspunt. "Als dat je vertrekpunt is, dat je er zelf plezier in hebt en dat je probeert dat te creëren voor de medewerkers waarmee je het samen doet, dan ben je al halverwege. Uiteindelijk werken ze allemaal voor het geld, dat mag duidelijk zijn. Maar het grootste deel van je leven ben je gewoon heel veel tijd op je werk. Laat het dan in ieder geval leuk zijn."
Dat is de kern van wat Becky probeert te zijn: een organisatie die een reëel personeelstekort oplost zonder de pretentie te hebben het structurele probleem van de branche te fixen, maar die dat wel doet op een manier waarbij bijna 300 mensen in de Balkan elke dag met enige overtuiging naar kantoor gaan.