Ergens in de middle of nowhere, om negen uur 's ochtends, dronk Michiel Muller een bakje koffie met Joris. Geen boardroom, geen PowerPoint. Gewoon een eerste gesprek over een idee dat Joris en zijn compagnon Frederik al een tijdje aan het uitwerken waren: een online supermarkt die anders werkt dan alles wat er al bestond. Muller was op dat moment met andere dingen bezig. Maar het idee liet hem niet los. Na een paar maanden veegde hij zijn bureau leeg.\n\nVandaag telt Picnic meer dan een miljoen klanten in Nederland, is het actief in Duitsland en Frankrijk, en is er in totaal ongeveer een miljard euro in het bedrijf geïnvesteerd, waaronder geld van de Bill & Melinda Gates Foundation Trust. Wat begon als een pilot in Amersfoort is inmiddels een operatie die uitwaaiert naar Hamburg, Hannover, Berlijn, Stuttgart en Parijs. Toch klinkt Muller nergens triomfantelijk. Hij analyseert, relativeert en corrigeert waar nodig.\n\n## 'We zijn wel wat harder gegaan dan we toen dachten'\n\nDe eerste maanden na dat koffiegesprek stonden in het teken van rekenen. Niet op de achterkant van een bierviltje, maar granulair: postcodes, nodale gebieden, familiedichtheid per wijk, verwachte omzet per jaar. Muller: "We hebben tot en met alle postcodes en nodale gebieden in Nederland bekeken hoeveel families daar wonen. Dus hoeveel omzet kan er uitkomen in jaar één, twee, drie, vier, vijf." Het businessplan was zo gedetailleerd dat je er, volgens Muller, een serieuze laptop voor nodig had om het model te draaien.\n\nAmersfoort werd gekozen als startlocatie omdat het een gemiddelde Nederlandse stad is, met wijken in alle soorten en maten: gezinnen met jonge kinderen, leeg nesters, een villawijk, een stadswijk. De gedachte was dat het concept zou moeten bewijzen waar het het beste werkt. Het antwoord dat eruit kwam was verrassend simpel: overal. Daarnaast speelde mee dat een van de eerste investeerders er een distributiecentrum niet ver vandaan had.\n\nDe eerste investeringsronde bedroeg vijftien miljoen euro. Geen bescheiden start-up die drie ton nodig heeft, maar een serieuze kapitaalinjectie die ook een serieuze ambitie vereiste. "Je moet al vanaf dag één ambitie neerleggen. Je moet laten zien dat het kan, uitleggen hoe je het gaat doen. Hoe ga je consumenten bewegen? Hoe ga je de logistiek doen? Hoe ga je de software bouwen?"\n\n## Een techbedrijf dat toevallig boodschappen bezorgt\n\nWie Picnic alleen als supermarkt ziet, mist volgens Muller de kern van wat het bedrijf is. "Eigenlijk zijn we een techbedrijf dat toevallig boodschappen bezorgt." Die uitspraak is geen marketingpraat, hij wordt onderbouwd door de manier waarop de operatie is ingericht.\n\nNeem de bezorging. Muller beschrijft hoe het systeem berekent hoe lang een specifieke levering duurt, rekening houdend met het aantal kratten, het type producten, de ervaring van de runner, het tijdstip van de dag en zelfs de lichtomstandigheden buiten. "Als het donker is buiten, tel dan acht seconden bij de bezorging. Want het is moeilijker om het huisnummer te vinden." Het systeem herijkt continu op basis van de werkelijke duur van elke afgeronde bezorging.\n\nDe inkoop werkt op dezelfde logica. Omdat klanten hun boodschappen van tevoren bestellen, weet Picnic al wat er verkocht is voordat het is geleverd. Om tien uur 's avonds, als de bestelperiode voor de volgende dag sluit, gaat er automatisch een order de deur uit naar de komkommerleverancier. "Die hoort om een uur of half elf hoeveel komkommers hij moet leveren." Verspilling wordt zo structureel beperkt, niet als duurzaamheidsstunt maar als economische noodzaak.\n\n## 'Als we stoppen met groeien, zijn we winstgevend'\n\nPicnic draait nog geen winst. Muller is er openhartig over, zonder er een probleem van te maken. "Als we nu stoppen met groeien, dan zijn we winstgevend. Maar is dat nou wat je wil?" In Nederland is zeven procent van de boodschappen online. In Duitsland nog minder, in Frankrijk ook. De redenering is dat het stilzetten van groei om een winstcijfer te kunnen tonen een strategische vergissing zou zijn in een markt die nog grotendeels te winnen is.\n\nDie keuze vereist investeerders die dat perspectief delen. Muller benadrukt dat de partijen die in de eerste ronde instapten er nog steeds in zitten, en bij elke ronde hebben meegeïnvesteerd. "Je wil investeerders hebben die snappen dat het lijnтje van groei op afstand zo gaat, maar als je inzoomt, ook zo." Met andere woorden: investeerders die niet bij de eerste tegenvaller bellen.\n\nIntussen wordt de vastgoedstrategie steeds complexer. Muller schat het huidige vloeroppervlak in Nederland op ongeveer 200.000 vierkante meter, met een vergelijkbare omvang in Duitsland, en plannen om er zeker 600.000 vierkante meter bij te zetten. Daarvoor werkt Picnic met drie operationele modellen: handmatig, hybride en volledig geautomatiseerd. Het eerste fully automated fulfillment center staat in Utrecht. De keuze welk model waar wordt ingezet hangt af van de vraagdichtheid in een regio en de gewenste snelheid van opstarten. Een handmatige operatie kan binnen twaalf weken live zijn; een volledig gerobotiseerd gebouw kost jaren.\n\n## Vakbonden, warehouses en het wc-debat\n\nHet personeelsvraagstuk is een van de meest geladen onderwerpen in het gesprek. Muller reageert geïrriteerd op de beeldvorming rondom distributiewerk. "Er wordt over gesproken dat dat mensen zijn die een doosje langs snelwegen werken. Daar kan ik me enorm aan storen." Hij ziet de banen bij Picnic als een serieuze opstap: mensen leren werken met technologie, begrijpen hoe logistiek werkt, bouwen een carrière op in een groeiende industrie. "Straks zitten er meer mensen in e-commerce dan in de fysieke retail."\n\nOver vakbonden is hij genuanceerder. Bij Picnic zijn nauwelijks medewerkers lid van een vakbond, wat het traditionele model van onderhandelen via vakbondsvertegenwoordiging feitelijk onmogelijk maakt. In plaats daarvan werkt Picnic met de Unie via een systeem waarbij alle 15.000 medewerkers rechtstreeks worden bevraagd over hun wensen, via dilemma's in plaats van open vragen. "Wil je meer verdienen of wil je meer vakantiedagen? Wil je ruimere verlofregelingen?" Het resultaat gaat niet naar een handvol vakbondsleden, maar terug naar het volledige personeel. Of dat model standhoudt naarmate het bedrijf verder groeit, is een vraag die het transcript onbeantwoord laat.\n\n## Copy-paste met nuance\n\nDe expansie naar Duitsland en Frankrijk verloopt deels via hetzelfde playbook. De groeicurve per stad is consistent: Muller beschrijft hoe Picnic in elke nieuwe stad hetzelfde patroon ziet. Maar hij corrigeert zichzelf als het woord 'copy-paste' valt. "Het is veel copy-paste waar het gaat om de app en alles wat je weet over klanten. Maar het is wel een nieuw land met een nieuwe taal en een nieuw type consument." In Duitsland werkt regionale media heel anders dan in Nederland: wat in Düsseldorf bekend is, bereikt Berlijn niet vanzelf. In Frankrijk is de hiërarchie op de werkvloer steiler, wat het ophalen van informatie van de werkvloer bemoeilijkt.\n\nPicknic breidt dit jaar verder uit naar Parijs, waar het eerste fulfillment center al wordt ingericht. Hannover, Hamburg, Berlijn, Stuttgart, Mannheim en Leipzig staan in Duitsland op de rol. Het is ambitieus, maar Muller presenteert het zonder ophef. De infrastructuur staat, het model is bewezen, het systeem leert. Wat resteert is schaal. En die, zo maakt het gesprek duidelijk, is precies wat Picnic op dit moment boven alles nastreeft.
7DTV
#1 platform voor ondernemers